Overslaan en naar de inhoud gaan

Schisis

Een schisis is een aangeboren afwijking van de bovenlip, de kaak en/of het gehemelte. Daar zit dan een spleet of een gat in. Schisis ontstaat in de eerste 3 maanden van de zwangerschap. De oorzaak van een schisis kunnen foutjes in een gen en/of omgevingsfactoren zijn.

Kinderen kunnen alleen een schisis hebben. Maar sommige kinderen hebben daarbij ook andere bijzondere kenmerken. Dan kan de schisis een kenmerk zijn van een syndroom. Bijvoorbeeld van het Stickler syndroom, deletie 22q11.2, Van der Woude syndroom of Opitz G/BBB syndroom.

De schisis kan in alleen de bovenlip zitten. Of alleen in het gehemelte. Maar de spleet kan ook doorlopen van de bovenlip tot in de bovenkaak, het gehemelte, de huig of de neus. Het kan aan één kant van het gezicht voorkomen of aan beide kanten. Soms heeft iemand een spleet (of gat) in bijvoorbeeld de linkerhelft en in de rechterhelft van de bovenlip. Soms is een spleet in de kaak of in het gehemelte niet zichtbaar, omdat er slijmvlies overheen is gegroeid. Dan kan het zijn dat de schisis pas later wordt ontdekt, bijvoorbeeld wanneer het kind gaat praten.

Na de geboorte kunnen kinderen met schisis problemen hebben met zuigen en slikken. Kinderen kunnen moeite hebben met praten. Ze kunnen afwijkingen aan hun gebit en/of de groei van hun kaak hebben. Sommige kinderen kunnen minder goed horen.

Heb je een vraag? erfolijnaterfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%0A%0AMijn%20vraag%20is) (Mail) ons.

ALLES SLUITEN
    • Andere namen

      Lipspleet
      Gehemeltespleet
      Kaakspleet
      Cleft lip
      Cleft palate
      Oral cleft
      Orofacial cleft

    • Hoe wordt het vastgesteld?

      Dokters kunnen schisis vaststellen als een baby geboren wordt met de kenmerken die hierboven staan. Soms kunnen ze tijdens de zwangerschap op de 20 wekenecho zien dat de baby schisis heeft.

      Soms is een spleet in de kaak of in het gehemelte niet zichtbaar, omdat er slijmvlies overheen is gegroeid. Dan kan het zijn dat de schisis pas later wordt ontdekt, bijvoorbeeld wanneer het kind gaat praten.

    • Is er een behandeling?

      De behandeling van schisis wordt gedaan door een team van verschillende specialisten. Dit noemen we een schisisteam. Vaak zijn er verschillende operaties nodig om de spleet te sluiten. Het verschilt per type schisis hoeveel operaties er nodig zijn en op welke leeftijd die gedaan worden.
      In een schisisteam zitten ook specialisten die helpen bij de problemen met het gebit, het gehoor, de voeding en het leren praten.

      Informatie over de behandeling en begeleiding vind je op de Schisistijdlijn.

    • Hoe vaak komt het voor?

      Eén tot 2 op de 1000 kinderen wordt met schisis geboren.

    • Wat is de oorzaak?

      Een schisis ontstaat in de eerste 3 maanden van de zwangerschap. In het begin van de zwangerschap zitten de lip, bovenkaak en het gehemelte nog niet aan elkaar vast. Op een bepaald moment horen de lip en bovenkaak aan elkaar vast te groeien. En later ook het verhemelte aan de bovenkaak.

      Bij schisis gaat er iets mis bij het vastgroeien van de lip, bovenkaak en/of het gehemelte. In de animatie op mijnschisis.nl kun je zien wat er mis gaat.

    • Is het erfelijk?

      Schisis is multifactorieel erfelijk. Dit betekent dat foutjes in een gen, samen met omgevingsfactoren ervoor zorgen dat iemand schisis kan krijgen.
      Een voorbeeld van zo’n omgevingsfactor is als de moeder diabetes heeft of bepaalde medicijnen gebruikt, bijvoorbeeld tegen epilepsie.

      Is de schisis een kenmerk van een erfelijk syndroom? Dan bepaalt de manier waarop dat syndroom erfelijk is, of er een kans is dat een (volgend) kind geboren wordt met schisis.

      Als ouders eerder een kind hebben gekregen met een schisis, dan kan een erfelijkheidsarts misschien bepalen of een volgend kind kans heeft om ook schisis te hebben.

    • Kinderwens

      Als ouders eerder een kind hebben gekregen met een schisis, dan kan een erfelijkheidsarts mogelijk bepalen of een volgend kind kans heeft om ook deze aandoening te krijgen.

      Heb je kans op een kind met schisis en wil je een kind? Dan kun je dit bespreken met je dokter. Je dokter kan je misschien verwijzen naar een erfelijkheidsarts. Een erfelijkheidsarts kan je informatie op maat geven.

    • Updatedatum

      25 augustus 2026