Overslaan en naar de inhoud gaan

Bloedgroepen en erfelijkheid

Hoe erf je jouw bloedgroep? En hoe kan het dat je een andere bloedgroep hebt dan je ouders?

Genen van ouders bepalend

Iedereen heeft één van de volgende bloedgroepen: A, B, O of AB. Je bloedgroep erf je van je ouders. Je vader en moeder geven ieder één kopie van het bloedgroep-gen aan jou door. Dit kan een A, B of O zijn. De kopie van je vader bepaalt samen met de kopie van je moeder welke bloedgroep jij krijgt. 

Bloedgroep ouders en kind

Weet je de bloedgroep van de ouders? Bekijk dan hier welke bloedgroep het kind kan hebben. Weet je welke bloedgroep het kind heeft? Bekijk dan hier welke bloedgroep de ouders kunnen hebben.

Verwantschap en bloedgroep

Op basis van bloedgroepen kun je niet weten of je familie van elkaar bent. Twijfel je bijvoorbeeld of jouw vader wel je biologische vader is? Dan kun je een verwantschapstest (vaderschapstest) laten doen. 

Andere bloedgroepen

Naast de bloedgroepen A, B, AB en O is er nog een andere soort bloedgroep, de rhesusfactor. Die is vooral belangrijk voor zwangere vrouwen. Lees meer over de erfelijkheid van rhesusfactor

Ook is er de Kell bloedgroep. Soms kan het een reactie veroorzaken tijdens een zwangerschap of bloedtransfusie. Lees meer over bloedgroepantistoffen bij zwangere vrouwen.

Hoe erf je je bloedgroep (in het kort)

Heb je een vraag? erfolijn [at] erfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Naam%3A%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A) (Mail) ons.