Overslaan en naar de inhoud gaan

Maagkanker

Maagkanker is kanker van de maag. Maagkanker is meestal niet erfelijk. Maar bij ongeveer 5% van de mensen met maagkanker komt dit wel door een erfelijke aanleg. Er zijn meerdere soorten maagkanker.
Bij een erfelijke aanleg voor maagkanker gaat het meestal om het diffuse type maagkanker. Over dit type maagkanker gaat deze tekst.
Andere soorten (types) maagkanker zijn bijna nooit erfelijk.

Redenen om aan een erfelijke aanleg voor maagkanker te denken zijn bijvoorbeeld:

  • iemand met maagkanker, die jonger is dan 40 jaar
  • twee of meer naaste familieleden met maagkanker
  • als er, naast maagkanker, ook andere vormen van kanker in een familie voorkomen. Vooral als het gaat om lobulaire borstkanker. Dat is borstkanker vanuit een melkklier.

De complete lijst met redenen om aan een erfelijke aanleg voor maagkanker te denken vind je hier.

Mensen met het Lynch syndroom en het Peutz-Jeghers syndroom hebben een grotere kans op verschillende soorten kanker, zoals bijvoorbeeld maagkanker.

Iemand met een foutje (mutatie) in het CDH1-gen heeft een grotere kans op maagkanker. Mannen met een CDH1-mutatie hebben 70 tot 80% kans op maagkanker. Vrouwen met een CDH1-mutatie hebben ongeveer 55% kans op maagkanker. Die vrouwen hebben ook ongeveer 40% kans op borstkanker.

Heb je een vraag? erfolijnaterfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%20%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A%20%0A) (Mail) ons.

ALLES OPENEN
    • Andere namen voor deze ziekte

      Maagcarcinoom
      Erfelijke aanleg voor maagkanker
      Erfelijk diffuus maagcarcinoom
      Familiaire maagkanker
      Familiair diffuus maagcarcinoom
      Hereditair diffuus maagcarcinoom
      Hereditary diffuse gastric cancer (HDGC)

    • Hoe wordt deze ziekte vastgesteld?

      Maagkanker kan worden vastgesteld door onderzoek van de maag (gastroscopie) en met een biopt.

      In families waar wordt gedacht aan een erfelijke aanleg voor maagkanker, kan de aanleg soms met DNA-onderzoek worden gevonden.

    • Is er behandeling voor deze ziekte?

      De behandeling van maagkanker verschilt per persoon. Maagkanker kan worden behandeld met een operatie, bestraling, hormoontherapie en/of chemotherapie.

      Als er met DNA-onderzoek geen erfelijke aanleg voor maagkanker wordt gevonden, maar er toch veel mensen in de familie maagkanker hebben gekregen, wordt dat familiaire maagkanker genoemd. Het advies aan familieleden is dan om extra controles van de maag te laten doen.

      Ook is het advies om je te laten testen op een bepaalde maagbacterie. Deze bacterie heeft niets met erfelijkheid te maken, maar kan de kans op maagkanker groter maken. Tegen die bacterie kunnen medicijnen (antibiotica) gegeven worden.

      Mensen met een erfelijke aanleg voor het diffuse type maagkanker kunnen kiezen om uit voorzorg hun maag met een operatie te laten verwijderen.
      Vaak is het advies is om dit te doen tussen de leeftijd van 20 en 30 jaar. Vrouwen met deze erfelijke aanleg kunnen vanaf 30-jarige leeftijd hun borsten extra laten controleren.

    • Hoe vaak komt het voor?

      In Nederland wordt per jaar bij ongeveer 1200 mensen maagkanker vastgesteld. Het risico om ergens in de loop van het leven maagkanker te krijgen is voor mannen in Nederland 1 op 70 en voor vrouwen in Nederland 1 op 140.
      Bij een klein deel van de mensen met maagkanker is een erfelijke aanleg de oorzaak.

    • Wat is de oorzaak van deze ziekte?

      Meestal wordt maagkanker niet veroorzaakt door een erfelijke aanleg.
      De oorzaak van het diffuse type maagkanker is soms een afwijking (mutatie) in het CDH1-gen. Dit gen ligt op chromosoom 16, op de lange (q) arm op positie 22.1 (16q22.1).

    • Is deze ziekte erfelijk?

      Je kunt de aanleg voor het diffuse type maagkanker (aanleg in het CDH1-gen) erven als een van je ouders de afwijking in de genen heeft. Dit heet autosomaal dominante overerving.

    • Kinderwens

      Heb je een erfelijke vorm van maagkanker (in de familie) en wil je een kind? Dan heb je verschillende keuzes. Praat er over met je dokter. Als het nodig is kan hij of zij je verwijzen naar een erfelijkheidsarts. Het gesprek over de verschillende keuzes kun je voorbereiden.

      Embryoselectie (PGD) is vaker gedaan bij mensen met een CDH1 mutatie.
      Je kunt met je dokter bespreken of dit in jullie situatie ook mogelijk is.

      Vrouwen met een erfelijke aanleg voor maagkanker die zwanger willen worden, wordt aangeraden dit met haar arts te bespreken. De arts kan ingaan op de risico’s die er tijdens een zwangerschap kunnen zijn.