Overslaan en naar de inhoud gaan

Glycogeenstapelingsziekte VII

Glycogeenstapelingsziekte VII is een erfelijke glycogeenstapelingsziekte. Bij glycogeen stapelingsziekte VII komt er minder suiker vrij in het lichaam als iemand zich inspant en er extra suiker nodig is. Daardoor kunnen de spieren minder goed werken. Er zijn verschillende vormen van glycogeenstapelingsziekte VII. De kenmerken verschillen per vorm.

De vorm die het meeste voorkomt, begint vaak op kinderleeftijd. Als een kind zich inspant, krijgt het kramp in de spieren.  Bij grote inspanning kan het kind misselijk worden en gaan overgeven.  Soms raken de spieren beschadigt.  Dan kan uit de spieren de stof myoglobine vrij komen, soms krijgt iemand daar soms nierproblemen van. Enkele kinderen hebben geelzucht. Dan heeft de huid een gele kleur.

Er zijn nog andere vormen van glycogeenstapelingsziekte VII; soms begint de aandoening al bij de geboorte. De baby heeft dan al zwakke spieren en die spierzwakte wordt erger. Ook kan het hart groter zijn dan normaal. Soms heeft de baby problemen met ademhalen. Meestal overlijden kinderen met deze vorm in hun eerste levensjaar.
Soms begint de aandoening op volwassen leeftijd. Dan heeft iemand meestal alleen zwakke spieren. Er is ook een vorm waarbij iemand alleen bloedarmoede heeft.  

De kenmerken van glycogeenstapelingsziekte VII zijn hetzelfde als die van glycogeenstapelingsziekte V.

Heb je een vraag? erfolijn [at] erfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%20%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A%20%0A) (Mail) ons.

ALLES OPENEN