Overslaan en naar de inhoud gaan

Feingold syndroom

Het Feingold syndroom is een aandoening van onder andere het hoofd en de vingers en de tenen. De kenmerken van de aandoening verschillen per persoon.
Er zijn twee typen van het Feingold syndroom die bijna dezelfde kenmerken hebben, maar met een verschillende erfelijke oorzaak.

Al vanaf de geboorte zijn de kenmerken van het Feingold syndroom te zien. Mensen met het Feingold syndroom hebben meestal een te klein hoofd (microcefalie) en kleine oogspleten. Ook kunnen ze een kleine kaak, een brede neus en oren hebben die lager aan hun hoofd vast zitten.
Mensen met dit syndroom hebben vaak korte wijsvingers en pinken en de pinken staan krom. Soms is de duim niet goed ontwikkeld. Ook kunnen er twee tenen aan elkaar vast zitten; dit heet syndactylie. Vaak zijn mensen met het Feingold syndroom klein.

Een deel van de mensen met dit syndroom heeft problemen met leren of een verstandelijke beperking. Verder kan het maagdarmkanaal op een bepaalde plek afgesloten zijn, bijvoorbeeld bij de slokdarm (oesofagus atresie) of de twaalfvingerige darm (duodenum atresie). Sommigen horen slecht of hebben problemen met hun nieren of hart.

Heb je een vraag? erfolijn [at] erfocentrum.nl (subject: Vraag, body: Mail%20ons%20uw%20vraag%3B%20binnen%205%20werkdagen%20ontvangt%20u%20een%20antwoord.%20%0A%0AMijn%20vraag%20is%3A%20%0A) (Mail) ons.

ALLES OPENEN