DNA, genen en chromosomen

wo 14 aug 2013
Printvriendelijke versieE-mailPDF version

Het menselijk lichaam bestaat uit een groot aantal organen. Deze organen zijn opgebouwd uit verschillende weefsels, die weer bestaan uit miljarden cellen. Die cellen zorgen ervoor dat alles goed werkt.

De eerste cellen in een nog ongeboren kind groeien uit tot allerlei verschillende celsoorten. Tijdens deze ontwikkeling krijgen de cellen hun specifieke functie. Het worden bijvoorbeeld hersencellen, huidcellen of spiercellen.

In iedere cel zit een kopie van het erfelijkheidsmateriaal van je ouders, in de vorm van chromosomen. Op de chromosomen zitten de genen

Chromosomen zijn voor te stellen als lange strengen. Ze bestaan uit een stof die we DNA (desoxyribonucleïnezuur) noemen. In het DNA zit de code waarin al onze erfelijke eigenschappen zijn vastgelegd. 

Een gen is een stukje afgebakend DNA dat de informatie bevat voor de vorming van een bepaald eiwit. Eiwitten hebben meerdere taken in ons lichaam. Genen bepalen al onze erfelijke eigenschappen, bijvoorbeeld de kleur van ons haar en onze ogen. 

De wetenschap die de werking van de genen bestudeert en onderzoekt hoe eigenschappen worden overgedragen heet genetica of erfelijkheidsleer. De wetenschap die zich bezighoudt met de manier waarop het erfelijkheidsmateriaal van het lichaam werkt, heet genomics.

Meer informatie

 

 

 

Colofon: 

Auteur
Drs. Anne-Marie de Ruiter (redacteur) 

Redactie
Drs. Marloes Brouns-van Engelen (medisch bioloog) 
 

Aanmaakdatum: 
31-07-10
Updatedatum: 
03-12-13

Stel een vraag

ma 2 dec 2013
Printvriendelijke versieE-mailPDF version
CAPTCHA
Deze vraag is om te testen of u een menselijke bezoeker bent en om geautomatiseerde spam te voorkomen.
Image CAPTCHA
Voer de karakters uit afbeelding in.